verslag de thermometer 9
Zaal de Unie, 9 december 2003
De Thermometer

Hek om de stad?

Burgemeester en wethouders van Rotterdam bekenden kleur. Onlangs verscheen een beleidsnotitie met daarin plannen om de problemen van de stad veroorzaakt door de kansarmen aan te pakken. In de pers werd de notitie als snel in vier woorden samengevat: Hek om de stad. De notitie is de uitkomst van een discussie die deze zomer is gestart door PvdA-bestuurder Dominic Schrijer (deelgemeente Charlois). Twee dagen voor de behandeling van de beleidsvoornemens in de gemeenteraad gaat de Thermometer over dit rapport. Voordat de discussie losbarst, vertelt columnist Carrie wat ze van het rapport vindt.
Carrie is niet erg positief. Het oude westen (haar wijk) is een van de gevaarlijkste wijken van de stad, althans dat vinden B&W. Carrie woont er veilig, al jaren en met haar een heleboel Rotterdammers van Nederlandse, Marokkaanse en Turkse afkomst. Carrie betwijfelt of het stadsbestuur weet wat ze doet. Als je weet dat een buurthuis erg veel bijdraagt aan de integratie, waarom sluit de gemeente deze buurthuizen dan? Waarom alleen negatieve maatregelen als blijkt dat positieve maatregelen goed werken. Er gaan weinig positieve woorden naar het stadsbestuur. 'Ik heb ooit Opstelten horen zeggen dat we allemaal Rotterdammers zijn en dat we nooit meer naar afkomst zouden kijken. Nou dat is blijkbaar over. Het blijkt dat je zelfs een wereldstad kunt vergiftigen met onderlinge haat tussen bevolkingsgroepen als je mensen gaat verdelen in zwart en wit en plus en min 120% van het minimuminkomen.' De uitsmijter van Carrie is een duidelijke diskwalificatie van het rapport: 'Spreiden en sluiten, dat is leuk voor je eerste zwemles, maar toch niet voor een mooie stad als Rotterdam.'
In debat gaan Dominic Schrijer, PvdA-bestuurder van de deelgemeente Charlois en de gemeenteraadsleden Harm van den Born (CDA) en Barry Madlener (Leefbaar Rotterdam). De gespreksleider is Shervin Nekuee, Jeroen Visser interviewt een buurtbewoner uit een slechte wijk.

Jonger, kleurrijker en armer
Een rapport van de onderzoeksafdeling van de gemeente liet zien dat Rotterdam in 2017 jonger, kleurrijker en armer zal zijn. De gemeenteraad heeft naar aanleiding van dit rapport haar ongerustheid uitgesproken over deze ontwikkeling. Naar aanleiding daarvan is het college aan de slag gegaan en is er een nieuw kansarmenbeleid. In het beleid staat een aantal maatregelen die de B&W gaan treffen, bovendien hebben B&W een groot aantal wensen bij de landelijke overheid gelegd. Leefbaar Rotterdam is blij met dit daadkrachtige beleid van het college. Het CDA is dat ook, maar is wel wat kritischer. Van den Born: 'Ik denk dat het goed is dat je als stad aangeeft dat je het niet alleen aankunt. Maar je moet Den Haag niet vragen wat niet kan. Ik verwacht wel dat er over de vragen van het college aan Den Haag in Den Haag gesproken zal worden.'
Schrijer kan gezien worden als de aanstichter van de discussie. In een interview liet hij vallen dat een spreidingsbeleid een goede oplossing te vinden om te voorkomen dat zijn deelgemeente armer wordt. Kleurrijk en jonger dat was voor hem niet het probleem. In het algemeen is hij blij met het beleid. 'Het is goed dat het college heeft aangegeven dat het kernprobleem niet is dat er teveel buitenlanders in de stad aanwezig zijn, maar dat er veel mensen in een kwetsbare sociaal-economische positie zijn.'
Madlener geeft aan wat kansarm is: 'Kansarm is iemand die onvoldoende opleiding heeft, onvoldoende de taal beheerst en onvoldoende georiënteerd is op de Nederlandse samenleving.' Nekuee probeert het helder te krijgen en vraagt of een 19-jarige vluchteling uit Iran (opleiding op VWO-niveau) volgens de definitie van Madlener wel of niet kansarm is. Madlener: 'Als het iemand is die bereid is om een plek in deze samenleving te verwerven dan zal hij kansrijk zijn.' Nekuee: 'Lees ik het dan verkeerd? Er is toch gepleit om vluchtelingen te weren uit de stad?' Madlener: 'We pleiten niet voor het weren van kansrijke mensen. Maar in het algemeen zullen we zeggen dat vluchtelingen met een status beter elders in het land gevestigd kunnen worden.'
Schrijer valt Madlener bij: 'Rotterdam vangt veel meer vluchtelingen met een status op dan andere steden. Behalve de taakstelling van Rotterdam komen er ook vluchtelingen die niet door andere gemeenten worden opgevangen. Deze vluchtelingen komen dan terecht in slechte en dure woningen.'

Hoe je kansarm kunt aanpakken
Schrijer vindt dat de nuance van het rapport wat scheef ligt. Hij onderkent twee processen waaraan de stad moet werken. 'De eerste is de onrechtmatige vestiging die in Rotterdam plaatsvindt. Dat heeft te maken met het grote aanbod van illegale huisvesting, er is een grote overbewoning en onderverhuur in de stad. Het tweede proces is de grote hoeveelheid van illegaal werk in de stad. Dat heeft een enorme aanzuiging van mensen. Je moet maatregelen treffen tegen de huisjesmelkers. Via burgerzaken en de corporaties kun je het onderverhuur en de overbewoning aanpakken. Om dat te doen heb je het Rijk niet nodig. En het zorgt ook dat de instroom van kansarmen minder wordt. Maar wat B&W lijken te vergeten is dat je wel aan de slag moet met de kansarmen die nu in de stad zijn. De stad investeert daarin onvoldoende. Die 120% inkomenseis is flauwekul.'
Madlener is duidelijk, het gaat hem niet om de problemen die er nu al zijn, hij wil de problemen die gaan komen aanpakken, en passant koppelt hij de problemen aan de afkomst van de burgers. 'Rotterdam vangt veel meer dan anderen gemeenten mensen met een achterstand op. Wij vinden het niet in het belang van de stad dat Rotterdam dat doet. Wij willen de toestroom beperken. Ik vind het een vreemde zaak dat er op nog geen tien kilometer afstand van Rotterdam er dorpen zijn waar nog geen 1% allochtoon woont, terwijl er wijken in Rotterdam zijn waar dat wel 70% is.' 
Schrijer legt het nog eens uit: 'Het probleem is dat er een selectieve uitstroom is en een selectieve instroom. Uit de stad vertrekken mensen met een hoog inkomen en een goede opleiding, en kansarmen komen juist naar Rotterdam toe. Dezelfde processen zijn er in steden als Marseille, Antwerpen en in het verleden in New York. Wat de discussie moeilijk maakt is dat de uitstroom vooral autochtoon is en de instroom juist allochtoon.' Van den Born: 'Ja, dat kun je constateren. Maar jij voert de discussie wel steeds weer over die kleur.'

Intermezzo - Opbouwwerker uit het Oude Noorden
Jeroen Visser interviewt Fatimah Lamkarat uit het Oude Noorden, een van de slechte wijken van de stad. Zij woont daar niet alleen, maar is ook opbouwwerker in Noord. Lamkarat heeft kritiek op B&W 'In Noord hebben repressieve maatregelen de overhand, terwijl er geknipt wordt op het sociale beleid en in het welzijnswerk. Beide zaken leiden tot een verslechtering van de sociale cohesie. Ik vind dus dat het achteruit gaat in mijn wijk. 'Law and order' heb je nodig, maar je hebt vooral investering in de sociale cohesie nodig. Je moet van de huidige kansarme jongeren een nieuwe middenklasse maken, in plaats van ze uit te sluiten.'

De problemen van een grote stad
Schrijer kent de problemen in de praktijk: 'Mijn ervaringen zijn gebaseerd op de ontwikkelingen in de Millinxbuurt. Ik zou het niemand willen aandoen om daar lang tussen te zitten. Het heeft ons 50 miljoen gulden gekost om dat weer in orde te krijgen. Ik weet dat je het nooit meer zo ver moet laten komen dat het wegzakt, want het was daar een hel. De processen die in de Millinxbuurt aan de orde waren, zien we terugkeren in andere wijken in Charlois. Als dat zo doorgaat hebben we een groot probleem, ook in andere wijken.'
Van den Born vindt dat Schrijer het veel te zwart-wit ziet: 'Het klopt dat er wijken met grote problemen zijn, maar ik ken nog heel veel meer wijken waar dat niet aan de hand is. Rotterdam is een grote stad en het zal altijd wel zo blijven dat er slechte wijken zijn. We hebben het vanaf de jaren '60 laten verwaarlozen. Het gaat er om dat we het publieke terrein weer terugveroveren en dat we de wijken vervolgens niet meer laten verloederen, bijvoorbeeld door niet te veel te gedogen.'

Commentaar uit de zaal
De zaal heeft duidelijk meer moeite met het nieuwe beleid van het college. De zaal heeft problemen met de 120%-eis, met het discriminerende karakter van het beleid en het feit dat het beleid zich vooral richt op negatieve, uitsluitende maatregelen. De angst van de zaal is dat het predikaat kansarm alleen maar gebruikt wordt om te vermijden dat het nieuwe beleid een anti-allochtonenbeleid is. De nadruk moet niet liggen op de problemen van de stad, maar op de mogelijkheden. Investeren in plaats van weren. Tegelijkertijd realiseert de zaal dat die problemen er zijn, maar die zijn wel veroorzaakt door de structurele verwaarlozing door het stadsbestuur en dat is dus iets wat in de toekomst niet meer moet gebeuren. Het panel is het er duidelijk niet mee eens en verdedigt waar mogelijk het beleid. Van den Born, toch lid van een coalitiepartij, nog het minst. Maar de zaal overtuigen, dat lukt het panel niet.

december 2003
Jasper van der Kuijp


Lees ook de column van Carrie, en bekijk de foto-impressie.



de thermometer is een debatserie waarin de temperatuur van het maatschappelijk klimaat in stad en land wordt gemeten. Gekeken wordt naar de praktische bruikbaarheid van politieke ideeën en theorieën. de thermometer is een samenwerkingsverband van het Landelijk Bureau ter Bestrijding van Rassendiscriminatie (LBR), de Stedelijke Adviescommissie Multiculturele Stad (SAMS), Studium Generale Erasmus Universiteit en de Rotterdamse Kunststichting (RKS).


Informatie: RKS Shervin Nekuee (010) 433 58 33, LBR Jeroen Visser (010) 201 02 01, SAMS Leo Balai (010) 213 30 81.